Van Hollerith tot Skynet

Dubbel boekhouden werd voor het eerst beschreven in 1494 door Luca Pacioli, voorzover we weten. Enige tijd later, in 1581, werd de eerste beroepsorganisatie voor accountants opgericht. Het Collegio dei Raxonati, aldus de heer G.P.J. Hogeweg tijdens zijn openbare les, gehouden bij de aanvaarding van het ambt van lector aan de UvA op 13 december 1929.

In de notulen van een NIvA ledenvergadering van vóór 1918 kwam ik vragen van een lid, een accountant dus, tegen die zich zorgen maakte over het feit dat binnen de bedrijven steeds meer gewerkt werd met boekhoudmachines, terwijl accountants daar nauwelijks kaas van hadden gegeten. Hij verwees hier naar de tabelleermachines, ook wel bekend als Hollerith machines. In 1933 waren die machines ook voor accountants bekend terrein, zoals moge blijken uit een advertentie bij het verslag van de ledenvergadering van het NIvA van december 1933. Kennelijk was het al een zodanig ingeburgerd apparaat dat veel detail uitleg niet nodig was.

Het is een patroon dat sinds 1494 het accountantsberoep getekend heeft: ontwikkelingen in de bedrijfsadministratie worden met vertraging gevolgd door accountants.

Het is niet dat accountants het niet proberen. De fameuze reeks “NIVRA geschriften” besteedde bijvoorbeeld aandacht aan de impact van automatisering op de controle, en zo nu en dan werd zelfs een poging gedaan vooruit te kijken. Maar uiteindelijk blijft het toch vooral reageren op wat al in de gecontroleerde bedrijven gebeurt. Reageren op voldongen feiten en niet mede sturing geven aan wat komen gaat.

De genoemde heer Hogeweg zei in zijn openbare les over “De ontwikkeling der controleleer” in 1929 al geheel terecht, direct na een uiteenzetting over wat later materialiteit zou gaan heten: “Een tweede noodzakelijkheid is, dat de accountant zich op de hoogte stelt van en begrijpt de technische inrichting van het bedrijf. […] vooral, omdat hij zich anders geen oordeel kan vormen over de juistheid en gemotiveerdheid van de boekingen, die hij ontmoet. Bovendien moet de controlerende accountant vooraf weten, dat bepaalde boekingen gemaakt moeten worden, zodat hij ook ontdekt, wanneer een post, die gemaakt moest worden, achterwege is gebleven”.

Uit de gehele les blijkt wel, ook al worden de moderne termen nog niet overal gebruikt, dat accountants in 1929 het belang van kennis van Administratieve Organisatie en Kennis van de Huishouding, naast kennis van controleer, administratie, bedrijfseconomie en verslaggeving scherp hadden. Niet alleen voor de controlerichting juistheid, maar ook voor de richting volledigheid.

We zijn inmiddels weer bijna een volle eeuw verder, en sommige zaken waar men toen nog diep over nadacht zijn bijna mantra’s geworden die zonder veel nadenken worden uitgesproken. Dat boekhoudkundige kennis noodzakelijk is voor de accountant kan iedere assistent wel opdreunen, door het regelmatig terugkerende “je moet leren denken in journaalposten”. En inderdaad, wie enige hoop koestert iets te begrijpen van comptabele informatiesystemen zal in journaalposten moeten kunnen denken. Het probleem is alleen, dat gaat over het deel “comptabele…”, het deel dat pakweg uit 1494 stamt. Voor het tweede deel, “…informatiesystemen” is nog iets anders nodig.

Ik heb vaker de kreet “je moet leren denken in journaalposten” beantwoord met “zodra jij leert denken in SQL-statements”. De realiteit is dat accountants ergens in de loop van de afgelopen eeuw de hoop wat lijken te hebben opgegeven om de techniek die Pacioli in 1494 begon, nog bij te houden. In Nederland werd in 1992 vanuit de kringen van het NGI een vereniging opgezet van informatici die accountants gingen ondersteunen in de jaarrekeningcontrole en van accountants die zich specifiek wilden richten op de ontwikkelingen van het boekhoudkundig bedrijf van na de uitvindingen van Hollerith, Kilby en Noyce. Dit NOREA was de Nederlandse variant van het in 1967 opgerichte ISACA (toen nog onder de naam EDPAA).

Het feit dat naast accountants “EDP Auditors” (RE oud), “IT Auditors” (RE huidig) of “IS Auditors” (CISA) zijn ontstaan, die zich tegenwoordig overigens meer niet dan wel met jaarrekeningcontroles bezig houden, kan op allerlei manieren positief geduid worden. Maar er zit ook een wat zorgwekkende kant aan. Sinds deze ontwikkeling begon is, althans naar mijn uiterst subjectieve waarneming, het accountantsberoep verder achter gaan lopen op de ontwikkelingen in de administratieve organisatie, die tegenwoordig in hoge mate geautomatiseerd is. Zo belangrijk als het denken in journaalposten is om iets te begrijpen van boekhoudingen, zo belangrijk is het denken in SQL-statements om iets te begrijpen van relationele databases. En wie als accountant niet begrijpt hoe belangrijk relationele databases zijn voor administratieve informatiesystemen loopt, met alle vormen van respect, intussen echt een jaar of 50 (!) achter. Ja, zeker ook in het mkb.

De ontwikkeling van ICT gaat intussen in een steeds verder versnellend tempo door. Het begrip “relationele database” is inmiddels al bijna net zo ouderwets aan het worden als COBOL, FORTRAN en BASIC. Wie zich het Digitale Rijbewijs nog herinnert doet dat inmiddels waarschijnlijk met een meewarige glimlach. Toch is er geen enkele reden voor meewarig glimlachen.

Het moge eerder zorgwekkend heten dat de vraag uit het begin van de vorige eeuw aan het bestuur van het NIvA, “hoe gaan we het probleem oplossen dat onze klanten meer kennis hebben van boekhoudmachines dan wij, accountants?!?” niet eens meer herhaald wordt op ledenvergaderingen van de NBA. Op de agenda staan enorm belangrijke onderwerpen, zeker. In het voorprogramma zelfs “De accountant van de toekomst”. Maar zal de dwingende vraag van een bezorgd, desnoods wat boos, lid gesteld worden: “Hoe gaan we het probleem oplossen dat onze klanten Skynet aan het ontwikkelen zijn, en wij daar nauwelijks iets van begrijpen?!?”

Automatisering, het programmeren van computers, begint langzaam maar zeker het punt te naderen waar programma’s zelf leren programmeren. Niet op basis van door mensen geprogrammeerde algoritmes, maar op basis van zelf geleerde vaardigheden. Zover is het nog niet, en het moment dat onze straten onveilig gemaakt worden door T-800’s en T-1000’s ligt nog wel even ver voor ons. Maar dat neemt niet weg dat de informatiesystemen van vandaag heel wat complexer zijn dan de betrekkelijk simpele systemen die we vroeger reuze imposant vonden, maar die in essentie niet veel meer deden dan in één S/360 heel snel en heel massaal doen wat honderden mensen daarvoor deden. Informatiesystemen van vandaag zijn in staat niet alleen dingen te doen die mensen ook kunnen maar dan veel sneller en goedkoper, maar om dingen te doen die mensen simpelweg niet kunnen.

Het is zinloos te proberen volledig technisch te doorgronden wat informatiesystemen doen, en hoe. Van een Relevante Accountant, ofwel een Automatisering-begrijpende Accountant, moet wel verwacht worden dat deze informatiesystemen op conceptueel niveau diepgaand begrijpt. Tenminste diepgaand genoeg, met de woorden uit 1929 te spreken, vooral, omdat hij zich anders geen oordeel kan vormen over de juistheid en gemotiveerdheid van de boekingen, die hij ontmoet. Bovendien moet de controlerende accountant vooraf weten, dat bepaalde boekingen gemaakt moeten worden, zodat hij ook ontdekt, wanneer een post, die gemaakt moest worden, achterwege is gebleven.

Gerelateerde berichten

Schrijf je in voor updates

Schrijf je hier in om op de hoogte gesteld te worden van nieuwe artikelen

Vragen?

Als je een vraag wilt stellen, stuur dan een e-mail naar questions@casualcompliance.com

×